menu Menu

Hoe ik bijna Fransman werd...

This post is also available in: Frans

Lang speelde ik met de gedachte Fransman te worden. Maar dit jaar kwam ik tot de conclusie dat dat toch niet zo’n goed idee was.

Wat ging er mis? Als reactie op de aanslagen het afgelopen jaar wil president François Hollande de Grondwet wijzigen. Zo wil hij het mogelijk maken om 3,5 miljoen geboren Fransen, die toevallig nog een andere nationaliteit hebben, hun Franse staatsburgerschap af te pakken als ze veroordeeld zijn voor terrorisme. Bij aanname van deze wetswijziging zit ik met een dilemma. Ik herberg namelijk twee potentiële verdachten: een zestien maanden oude tweeling met de Frans-Nederlandse nationaliteit. Sterker nog: ieder van hun vier grootouders komt uit een ander land. Extra verdacht dus! Dat mijn toekomstige subversieve elementen de Franse nationaliteit kunnen verliezen vind ik niet echt een probleem.

Het Orwelliaanse klinkende wetsvoorstel ‘Bescherming van de Natie’ stuit mij (en duizenden anderen) tegen de borst om een andere reden. Met de grondwetswijziging ontstaan in feite twee categorieën burgers. Aan de ene kant de gevaarlijke kosmopolieten en aan de andere kant de onderdanige, maar veilige autochtonen. “Maar dit voorstel is juist bedoeld om de terroristen te bestrijden, niet degene met een dubbele nationaliteit”, zeggen de verdedigers. Niet dat dat wat uitmaakt: “Het is puur een symbolische maatregel”, gaf premier Valls deze week al toe. Maar juist aan symbolen herkent men de gevaren van een regime.

Morts pour la France

Ik ben zelf immigrant. Weliswaar heb ik om bureaucratische redenen een Nederlands paspoort, maar ik beschouw mezelf als apatride en post-nationalistisch. Ik ben niet in Frankrijk komen wonen om economische of familieredenen. Maar puur omdat ik sinds mijn eerste bezoek aan Parijs, op een schoolreisje, verliefd was geworden op de Franse hoofdstad. Mijn landverhuizing verliep zeer eenvoudig. Op een dag nam ik de Thalys van Amsterdam naar Parijs (een rit die toen nog 4 uur en 47 minuten duurde). Ik had slechts een koffer, huurde een shabby hotelkamer en voilà, ik was Parijzenaar! In die tijd bestond de Europese Unie nog, u weet wel, dat fantastische continent waar meer dan een half miljard burgers vrij konden reizen, wonen en werken waar ze maar wilden. In die tijd was Schengen synoniem voor voorspoed en vrijheid, en niet van bedreiging en bureaucratie, zoals vandaag.

Sinds mijn vroegste jeugd bracht ik vakanties door in Frankrijk. In iedere stad, groot en klein, stond wel een monument met een rij namen en de tekst ‘Morts pour la France’, gestorven voor Frankrijk. Dat klonk wel chic. Ik zag die tekst al voor me, op mijn eigen grafsteen, op de begraafplaats Père-Lachaise, bij voorkeur ergens aan het einde van de 21e eeuw. Om te sterven voor Frankrijk, zo dacht ik, was het wel handig om eerst Fransman te worden.

Formulier

En zo geschiedde. Althans bijna. Een paar jaar nadat ik in Parijs was komen wonen, ging ik naar het hoofdkantoor van politie, op het Île de la Cité. Ik wilde weten welke formaliteiten er nodig waren om lid te worden van de club van Alberto Uderzo, Marie Curie, Milan Kundera en David Trezeguet, allemaal illustere buitenlanders die zich tot Fransman hadden laten ombouwen. In een aftands kantoor ontweek een grommende agente mijn allochtone blik. Ze schoof me het formulier Cerfa N° 12753*01 toe, ‘Aanvraag tot het verkrijgen van de Franse nationaliteit’. De eerste etappe was volbracht!

De volgende stap zou nog makkelijker zijn. Ik beantwoordde namelijk al aan flink wat criteria die de behandeling zouden versnellen. Zo had ik een Master van een Franse universiteit op zak en woonde ik al meer dan vijf jaar in Frankrijk. Bovendien ben ik geboren in Middelburg. Dat was ten tijde van Napoléon de hoofdstad van het voormalige Franse departement Bouches-de-l’Escaut, oftewel ‘De Monden van de Schelde’. Artikel 21-19 5° van het Frans Burgerlijk Wetboek gaf namelijk iedere inwoner van een gebied dat ooit onder Franse soevereiniteit was gevallen, het recht om Fransman te worden. Helaas is dat artikel in 2006 geschrapt. Jammer, mar gelukkig had ik ook nog een hooggeplaatste vriend en ambtenaar van de République. Hij beloofde me, geheel in de Franse cliëntelistische traditie, aan wat touwtjes te trekken om mijn procedure te versnellen. Oftewel: mijn Franse paspoort was nog maar een kwestie van weken. Ik zou eindelijk Fransman worden!

Ik vulde het formulier in en verzamelde in Duitsland en Nederland de geboorteaktes van mijn ouders. Op een gegeven moment had het project niet echt mijn prioriteit meer. Nederland, zo ontdekte ik, staat immers geen dubbele nationaliteiten toe voor ongetrouwde losbandigen zoals ik. En waarom zou ik de ene nationaliteit inwisselen voor een andere, als het concept nationaliteit voor mij geen enkele waarde heeft?  De aanvraag verdween in een la. In de tussentijd veranderde het Franse vreemdelingenrecht verschillende keren. Als reactie op eens steeds verder in zichzelf gekeerd en angstig continent, werden iedere keer de regels voor naturalisatie aangescherpt.

Nationaal-populisme

Drie decennia lang heeft de liefde voor Parijs mij verblind. Al die jaren heb ik me nooit vragen gesteld over mijn integratie, mijn plek in de samenleving of over de nationaliteiten, noch die van mij, noch die van mijn vrienden. Sinds 1999 woonde ik behoorlijk gelukkig in Frankrijk. Tot januari 2015. In dit zwarte jaar heb ik het ware karakter van dit land pas echt leren kennen.

De dagen na ‘Charlie Hebdo’ en de ‘Hyper Cacher’ werd ik langzaam wakker in een autoritaire maatschappij met een behoorlijk vreemde opvatting van het begrip ‘vrijheid’. In tegenstelling tot een grote meerderheid van de bevolking, ben ik van mening dat iedere actie en reactie van de Franse regering sindsdien de verkeerde was. Franse politici hebben zich laten gaan in een nationaal-populistische orgie. Sinds de aanslagen van 13 november is het alleen nog maar erger geworden. Met het voorstel de Grondwet te wijzigen, bereikte de radicalisering afgelopen week het voorlopige hoogtepunt (of dieptepunt). François Hollande creëert nu feitelijk twee verschillende soorten Franse burgers. Dit “walgelijke en absurde voorstel”, zoals premier (en Spaanse immigrant) Valls het idee in 2010 nog omschreef, heeft me de ogen geopend. Het is namelijk niet meer dan cynische politiek, over de rug van de slachtoffers van dit jaar, en erger nog : over de rug van de slachtoffers die nog komen gaan. Want deze maatregel zal geen enkele toekomstige terroristische daad voorkomen.

Het enige mogelijke antwoord op terrorisme is het vergroten van de vrijheden. Frankrijk doet nu precies het tegenovergestelde. Door het aan banden leggen van burgerlijke vrijheden onder het mom van bescherming van diezelfde vrijheden, vormt de regering een directe bedreiging voor de burgers. U zult begrijpen: de vrije man die ik (althans voorlopig nog) ben, ziet geen enkele reden om lid te worden van een land dat zich zo opstelt. Het wetsvoorstel van Hollande heeft me doen besluiten om mijn project van naturalisatie na al die jaren te begraven. Mijn ambities om ooit deel uit te maken van deze natie heb ik definitief laten varen. Ze zijn Mortes pour la France, dat dan weer wel…

François Hollande nationalisme terrorisme


Vorige Volgende